Archive for 27/02/2014

De vraag van de week (7)   Leave a comment

Ferrari 599 GTO met speciale velgen

Het mag duidelijk zijn dat onze vraag van deze week iets te maken heeft met auto’s. Iedereen weet ondertussen dat ik geen al te beste vriend ben van de Duitsers. Oké oké, ik rij met een Duitse wagen, ik spreek zelfs een aardig mondje Duits (als het écht moet) en ik durf gerust toegeven dat er zeker ook goeie dingen te vinden zijn in dat land. Laat het er ons maar op houden dat er een periode vóór én na is: vóór Bremen-Anderlecht en erna om precies te zijn. 😉 Maar om iets meer in de richting van mijn vraag te komen moeten we terugkeren naar ergens in de jaren ’80 toen ik het fenomeen voor het eerst opmerkte. Was het nu bij ‘Tatort’, ‘Der Alte’ of ‘Derrick’ (dat staat me niet zo exact meer bij), maar in ieder geval bij één of andere Duitse krimi. Terwijl de wagens daar tot stilstand kwamen viel me iets vreemds op en daaruit kunnen we dan de volgende vraag distilleren: ‘Waarom draaien wielen in de film soms achteruit?’

Zo’n scène was alvast geen bewijs van een klungelige trucage. Integendeel … als de wielen altijd netjes vooruit draaiden zou er wel eens trucage in het spel kunnen zijn. Dan heeft men geprobeerd om het achteruit draaien weg te moffelen. Want filmwielen draaien achteruit van nature. Om te beginnen: het gaat nooit om egale wielen, maar altijd om wielen met spaken of een ander herkenbaar onderdeel. De oorzaak van het probleem ligt in onze ogen en hersenen, die een reeks losse stilstaande beelden omzetten in een continu vloeiende beleving. Film maakt 24 beeldjes per seconde, televisie 25 (en Amerikaanse televisie zelfs 30). Als in de tijd tussen twee beelden het wiel net over de afstand tussen twee spaken is doorgedraaid, staat op de volgende ‘foto’ elke spaak precies op de positie van de vorige. Op het scherm lijkt het dan alsof het wiel stilstaat. Als het wiel iets trager draait, komt de volgende spaak telkens net niet helemaal op de positie van de vorige spaak terecht. Voor je oog lijkt het alsof het dezelfde spaak is die langzaam achteruit beweegt. Als een auto of een koets vertrekt, zie je eerst het wiel netjes vooruit draaien, steeds sneller. Als het in de buurt komt van de snelheid waarbij het tussen twee beelden net een spaak vooruit draait, komt er eerst even een wazig overgangsgebied waarin je ogen niet kunnen beslissen wat ze nu eigenlijk zien en dan zie je het wiel achteruit draaien, steeds langzamer, tot de snelheid is bereikt waarbij het beeld stilstaat. Vervolgens gaat het weer vooruit. Tot het moment dat het wiel tussen twee beeldjes in precies twéé spaken vooruit draait en de opeenvolgende ‘foto’s’ er opnieuw identiek uitzien. Zo zou je verder kunnen gaan met drie, vier spaken in de tijd tussen twee beeldjes. Maar tegen dan draait het wiel zo snel dat er bewegingsonscherpte op begint te treden. Hoe klein de sluitertijd ook is om één zo’n filmbeeldje op te nemen, het wiel draait intussen zo snel dat het zich in die korte tijd een behoorlijk eind verplaatst. De spaken zijn niet meer scherp, maar uitgesmeerd tot een veeg.
Hoe minder spaken een wiel heeft, hoe sneller het moet draaien om precies één spaak opgeschoven te zijn tussen twee beeldjes. Het moment van achteruit draaien en stilstaan komt dan pas bij een hogere snelheid van de wagen. Met wat geluk is het beeld van het wiel intussen onscherp, of heb je de tijd gehad om de camera zo te draaien dat de wielen niet meer in beeld zijn. Of je knipt de opname van de optrekkende wagen er gewoon uit. Een ideale gelegenheid om ooit nog eens op een andere manier naar ‘Derrick’ te kijken. 😀

Posted 27/02/2014 by ambijans in Algemeen