Archive for 18/09/2014

De vraag van de week (30)   Leave a comment

snurken

Mocht iemand mij pakweg 15 jaar geleden hebben verteld dat ik een onverbiddelijke snurker was, dan zou ik die bewering vast en zeker bij hoog én bij laag hebben afgestreden. Ik snurken? Komaan zeg, laat ons een beetje ernstig blijven! Ondertussen weet ik uiteraard wel beter (jaren van verstand, ondervinding, …), jullie kennen dat wel. De fantastische jaarwende 2002-2003 vierde ik bijvoorbeeld door met goede vrienden een vijftal dagen naar Berlijn te trekken. Eén van die kameraden had een enorm snurkcomplex. Ik sliep toen zelf in een andere kamer in het appartement dat we ter plekke voor enkele dagen konden huren, maar ik had al eens kennisgemaakt met zijn ‘snurkbezigheden’, toch wel een fenomenaal klankspel moet ik zeggen. Denk straaljagers, éénmotorige vliegtuigjes of het geluid dat je in eender welke houtzagerij hoort. Anyways, ik prijsde mezelf gelukkig dat ik geen ‘snurker’ was. Tot die memorabele dag ergens in april 2008, toen ik samen met mijn nicht door Japan trok. We waren net met de Japanese railways (de zogenaamde ‘shinkansen’) aan onze trip van Tokyo richting Kyoto begonnen. Onderweg maakten we een tussenstop in Nagoya, want dat leek ons wel een knusse stad om eens een bezoekje aan te brengen. Bovendien konden we op die manier eens in een heuse ryokan overnachten. Na ons theetje legden we onszelf te rusten op ons bed. Niet slapen, gewoon rusten (dat was alleszins mijn plan). Het leek ook aardig te lukken, tot ik op zeker moment wakker werd van mijn eigen gesnurk. Niet meteen een openbaring, maar wél een heuse eye opener moet ik zeggen! Ondergetekende snurkte op bepaalde tijdstippen dus ook als een klein varkentje. 😉 Mijn vraag luidt dan ook als volgt: ‘Hoe zit het nu met dat snurken?’ Doet iedereen het? Kunnen we er iets aan doen? Moeten we ervoor in therapie gaan? Snurkers: wie zijn ze, wat doen ze en waarom!

10 procent tot ruim de helft van de mensen zou er last van hebben. Ongeveer twee keer zoveel mannen als vrouwen hebben de onhebbelijke gewoonte om te snurken. Van de mensen die bij de KNO-arts terechtkomen, blijkt bij de helft het zachte, achterste deel van het gehemelte te slap. Het gehemelte zakt – als je op de rug ligt – samen met de huig bijna tegen de keelholte aan. Dat gaat trillen door de adem en maakt herrie. Zo’n 20 procent van de snurkers heeft een kleine onderkaak, een onderkaak die aldoor te ver naar achteren staat of tijdens de slaap zakt. Dan zakken de tong en het strottenklepje bijna tegen de keelholte aan. Ook dat trilt. Een combinatie van deze twee oorzaken komt voor bij een kwart van de snurkers. Bij een klein deel speelt een andere oorzaak, bijvoorbeeld een chronisch verstopte neus. Bij mensen met overgewicht is het weke gedeelte van de keelholte dikker, zodat de ademweg te nauw wordt en dat veroorzaakt eveneens snurken. Op zich kan het snurken weinig kwaad, tenzij je last zou hebben van apneu. Kun je iets doen aan het snurken? Als je met overgewicht zit, kan je natuurlijk overwegen om af te vallen. Andere maatregelen die het snurken kunnen verminderen zijn: geen alcohol in de twee uur voor het slapen, niet roken, geen kalmerende middelen of slaapmiddelen gebruiken en geen zware gerechten nuttigen vlak voor het slapen. Een operatie om het snurken tegen te gaan is vrij drastisch, dus zijn er ook andere middeltjes als kinbanden, spreiders, elektrische stootjes of de goeie oude tennisbal, die je in je pyama kan aanbrengen. Deel je met een snurker de slaapkamer, dan is een logeerkamer mogelijk een optie. Ik ken echter mensen (die met een snurker samenleven), die al baat hebben bij stevige oordopjes! 😀

Posted 18/09/2014 by ambijans in Algemeen