Archive for 13/03/2019

Herinneringen uit mijn jeugdige jaren (63)   Leave a comment

hertje vergeyen, een clubicoon

In deze rubriek rakelen we herinneringen op aan (lang) vervlogen tijden. Dingen die ik om de één of andere reden ben blijven onthouden omdat ze grappig, ontroerend, beklijvend of gewoonweg interessant waren. Soms zijn ze universeel en zéér herkenbaar. Of iets zich nu in Zonhoven afspeelde of daarbuiten heeft in dat geval weinig belang. We streven naar een herinnering of honderd, daarna is het tijd voor weer iets nieuws.

Iedereen die iets van voetbal kent, zal hierboven Gert Verheyen wel herkennen. Met hem heb ik bijna altijd een soort van haat-liefdeverhouding gehad. Dat begon al vanaf het moment dat ik midden jaren ’80 eens een voetbaltornooi van Sporting Hasselt bijwoonde aan de Oude Kuringerbaan. Gert Verheyen leunde daar toen al dicht tegen het eerste elftal van Lierse aan of hij speelde er net mee. Feit is dat hij die dag daar in Hasselt aan de zijlijn belangstellend stond mee te kijken. Lierse speelde er wedstrijdjes tegen andere clubs, met hun scholieren of junioresploeg dacht ik. Die ene wedstrijd die we van hen zagen hakten ze hun tegenstander gewoon finaal in de pan. Al hun spelers waren minstens twee koppen groter, de snelheid van uitvoering ging dubbel zo snel én ze waren fysiek véél beter dan hun tegenstander. Na de wedstrijd zei iemand langs de lijn ‘Jawadde, die van Lierse kunnen een aardig stukske voetballen zeg. En dan te bedenken dat Gert Verheyen niet eens heeft meegespeeld vandaag’ waarna hij in zijn richting wees. Gert Verheyen was toen een robuuste, ietwat pokdalige jongeman die de weg naar doel regelmatig wist te vinden. Toen Anderlecht in 1988 besloot om hem bij Lierse weg te plukken leek dat een geslaagde transfer. Viel dat even tegen zeg! Of dat aan hemzelf dan wel aan mijn overdreven hoge verwachtingen lag laat ik dan nog in het midden. Vier seizoenen in Brusselse loondienst hebben we weinig of geen plezier beleefd aan Gert Verheyen. Hij oogde traag, log, te weinig gracieus, … hij was kortom niet het soort Anderlechtspeler dat de supporters voor ogen hadden. Anderlecht speelde destijds champagnevoetbal, maar bij Verheyen leek het bijna of hij dat ‘letterlijk’ had genomen in plaats van figuurlijk door al iets te consumeren vóór de match. In 1992 werd hij uit zijn lijden verlost en vriendelijk bedankt voor de (in mijn ogen dan) niet bewezen diensten. Slechts drie goals in 61 wedstrijden, dat was de povere balans. Dat hij moest opboksen tegen Degryse, Nilis, Gudjohnsen en Oliveira voor een basisplek was in zijn geval geen cadeau. Verheyen kon naar concurrent Club Brugge. Daar zou hij nog vier keer kampioen worden én 154 goals scoren in 415 wedstrijden. Dat hij bij Club Brugge wél iets kon brengen en bij Anderlecht niet, dat wrong toch wel bij mij. Gert Verheyen was echter wél het type voetballer (eerlijk is eerlijk!) dat je liever in je eigen elftal zag voetballen dan in dat van de tegenstrever. Wanneer hij met Club op Genk kwam spelen ging ik wel eens kijken. Telkens weer viel hij op door irritant gedrag. Overtredingen uitlokken, nodeloos tijdrekken, druk gesticuleren en op tijd en stond de boel wat komen oppoken. Geen wonder dat ik bij de Rode Duivels niet meer kon doen dan ‘m gedogen. Dat veranderde toch al lichtjes toen ik in maart 2000 via een vriendin vrijkaarten kreeg voor deze vriendschappelijke interland tegen Nederland op de Heizel. Het werd uiteindelijk 2-2 en toch ben ik juichend rechtgesprongen bij de openingsgoal van Gert Verheyen. Op zijn 36ste hing hij zijn voetbalschoenen uiteindelijk aan de haak. Toen kon ik het plots weer terug loslaten. Wanneer hij op tv werd gevraagd als voetbalanalist kweet hij zich telkens weer opnieuw uitstekend van zijn taak. Zijn observaties waren raak, fair, to the point en met een kennersblik. Het typeert ook Gert Verheyen dat hij er bij KV Oostende zelf de brui aan gaf vorige week. Als je de situatie niet meer naar je hand kan zetten gewoon zelf opstappen. Hoeveel trainers doen het hem na? Vrijwel niemand vrees ik. Ik heb al van een aantal ex-RSCA spelers gedacht dat ze er ooit trainer zouden kunnen worden. Zo ben ik nog steeds van mening dat generatiegenoten van Verheyen zoals pakweg Glen De Boeck of Yves Vanderhaeghe ooit nog trainer kunnen worden in het Astridpark. En zeg nooit nooit: zelfs Gert Verheyen is een mogelijkheid. Zeker omdat hij zelf eens ergens aangaf dat hij ‘absoluut geen supporter is van Club Brugge’. Een man naar mijn hart, quoi! 😉

Posted 13/03/2019 by ambijans in Algemeen