Archive for 19/03/2019

Herinneringen uit mijn jeugdige jaren (64)   Leave a comment

de Limburgse clubs in de JPL

In deze rubriek rakelen we herinneringen op aan (lang) vervlogen tijden. Dingen die ik om de één of andere reden ben blijven onthouden omdat ze grappig, ontroerend, beklijvend of gewoonweg interessant waren. Soms zijn ze universeel en zéér herkenbaar. Of iets zich nu in Zonhoven afspeelde of daarbuiten heeft in dat geval weinig belang. We streven naar een herinnering of honderd, daarna is het tijd voor weer iets nieuws.

Ook deze week komt mijn jeugdherinnering uit het voetbal aandwarrelen. Met de nakende play offs in ons achterhoofd kunnen we ons een aantal bedenkingen maken. Zo is het voor de modale Limburgse voetballiefhebber (zonder directe voorkeur voor een bepaalde club) wellicht jammer dat het niet Genk én STVV in play off 1 is maar enkel én alleen Genk. Als ik uit eigen ervaring spreek, dan moet ik zeggen dat STVV niet zal worden gemist (lees ‘ze verdienden play off 1 wel, maar ik zal er geen traan om laten dat ze play off 2 spelen’). Er hangt nl. een anekdote aan vast van die enige keer dat ik op Stayen naar een wedstrijd ben gaan kijken jaren geleden. Winterslag en Waterschei waren al een tijdje opgegaan in KRC Genk, maar leg dat maar eens uit aan een Truienaar zonder dat ie repliceerde met een volzin met daarin de woorden ‘allemaal met geld gekregen van de KS’. Op zo’n momenten weet je meteen hoe kleinkinderen van Vlaamse collaborateurs zich voelen als het oorlogsverleden alweer wordt opgerakeld. Tegen zo’n dwaze veralgemening is geen kruid gewassen. Elke discussie wordt meteen in de kiem gesmoord. Vrienden van ons hadden tickets gescoord voor het Genkvak en waren vooraf al iets gaan drinken in het centrum van Sint-Truiden. Achteraf hoorden we van hen dat de sfeer daar nogal opgefokt was. De supportersclans intimideerden elkaar wat, enkele Genkfans hadden nog een motorfiets door de voorruit van café De Bink gegooid, … de voorbode van nogal wat agitatie in én rond het stadion later op de dag. Nu goed, ik was samen met een vriend naar Stayen gereden (ik écht als ‘neutrale’ supporter, hij als Genksupporter), maar zonder dat we zichtbare clubkleuren droegen. We zaten trouwens in het neutrale vak, dus we voelden ons eigenlijk op ons gemak. Alles verliep rustig tot Philippe Clement de 0-1 aantekende voor Genk. We aarzelden nog om recht te springen maar hielden het bij een beleefdheidsapplausje. Dat was blijkbaar niet naar de zin van sommige mensen in dat neutrale vak. Waarom hadden wij daarnet geapplaudisseerd? ‘Euhm … omdat Genk had gescoord tiens?’ Duidelijk een fout antwoord. Tijdens de rust vroeg iemand ons waar we vandaan kwamen. ‘Uit Zonhoven, meneer.’ ‘Aaaah, maar dan zijn jullie supporters van Genk?’ ‘Meneer alstublieft, wij komen gewoon om een mooie voetbalmatch te zien, mag het ja?’ We wisten meteen dat het neutrale vak bij STVV allerminst neutraal was op dat ogenblik. Al vrij snel in de tweede helft zorgde Branko Strupar voor de 0-2. Om de mensen rond ons te jennen sprongen we deze keer wél recht en we balden onze vuisten. De tegenreactie kwam onmiddellijk. ‘Jullie moesten beschaamd zijn om supporter van Genk te zijn. Die hebben ALLES cadeau gekregen van de Kempische Steenkoolmijnen en Thyl Gheyselinck. Allemaal ter compensatie van die stomme mijnwerkers!’ ‘Excuseer? Mijn vader is wel mijnwerker geweest hè!’ riep mijn kameraad onmiddellijk. Vanaf toen was het om zeep. Er werd wat geduwd en getrokken in onze tribune, doch veelal kregen we nog een halfuur af te rekenen met verbaal geweld van zéér bedenkelijk allooi. We besloten allebei om voor de rest gewoon te zwijgen om het niet nóg erger te maken. Ons lot was bezegeld: tot het einde van de wedstrijd werden we voortdurend geïntimideerd door de Truienaars in ons vak. Genk won de wedstrijd met 0-2 en wij trokken na afloop onmiddellijk naar de parking om de wagen op te halen. Op weg daar naartoe werden we gevolgd door diezelfde groep STVV-supporters uit het neutrale vak. Onze grote angst was vooral dat ze ons daar (eens we aan de auto waren) met een man of tien in mekaar zouden slaan. We konden niet anders dan op goed geluk zwijgend naar ginds wandelen. Uiteindelijk geraakten we makkelijk in onze auto en ook op de terugweg waren er verder geen onaangename obstakels meer. Ik herinner me dat ik in de auto nog zeker tien keer tegen mijn kameraad heb gezegd: ‘Ik ben een grote voetballiefhebber, maar no way dat ik ooit nog bij die fruitboeren van Sint-Truiden in de tribune wil gaan zitten!’ 😉

Posted 19/03/2019 by ambijans in Algemeen