Archive for 22/04/2019

Herinneringen uit mijn jeugdige jaren (69)   Leave a comment

trop is te veel

In deze rubriek rakelen we herinneringen op aan (lang) vervlogen tijden. Dingen die ik om de één of andere reden ben blijven onthouden omdat ze grappig, ontroerend, beklijvend of gewoonweg interessant waren. Soms zijn ze universeel en zéér herkenbaar. Of iets zich nu in Zonhoven afspeelde of daarbuiten heeft in dat geval weinig belang. We streven naar een herinnering of honderd, daarna is het tijd voor weer iets nieuws.

De meeste mensen die op vakantie gaan, nemen het er serieus van op alle vlakken. Ze liggen meer dan goed is met hun wit velletje in de zon te braden, hun alcoholverbruik vervierdubbelt zich en als er een all-you-can-eat formule in hun reispakket zit, maken ze ook daar gretig gebruik van. Herkennen jullie jezelf hierin? Geen nood, de meerderheid van de vakantiegangers haalt eruit wat erin zit. Ik kan me bijzonder weinig vakanties herinneren waarin soberheid heerste ten huize Ambijans, tenzij dan die keer dat ik in april 2008 samen met nicht Marleen voor twee weken naar Japan ging waar we de belangrijkste bezienswaardigheden van Honshu gingen bekijken. Op die manier zaten Tokyo, Kyoto, Nara, Nikko, Kamakura en Nagoya in ons reispakket. Het was voor het eerst dat ik buiten Europa reisde. Ik had me vooraf geen verplichting opgelegd om ginds als een pater te gaan leven, maar mijn nicht is de veganistische/macrobiotische keuken genegen dus bij de keuzes van restaurants bleef ik haar solidair volgen. Ik heb me slechts één keer in een puur vlees modus moeten onderdompelen en we zijn ook één keer bij een Indiër gaan eten. Voor de rest heb ik ginds als een asceet geleefd. Ik heb er zelfs leren theedrinken. Toen ik na veertien dagen thuiskwam was het eerste wat mijn moeder zei ‘Jij bent precies afgevallen?’ Thuis op de weegschaal bleek die redenering te kloppen: -4 kilogram op veertien dagen. Lang heeft dat gewichtsverlies echter niet standgehouden. Voor het andere uiterste (jezelf eens serieus laten gaan) moeten we iets verder terug in de tijd, al staat de avond zelf me nog zéér levendig voor de geest. Ik weet zelfs nog de precieze datum (5 maart 1996), omdat die avond Barcelona-PSV werd gespeeld (maar daarover dadelijk meer).  In de vooravond ging ik samen met een oom én een neef iets eten bij Sombrero op de Genkersteenweg in Hasselt. Ik vermoed dat ze daar zoveel jaar na datum nog steeds zo’n ‘all you can eat menu’ voor een zacht prijsje aanbieden? Anyways, de avond begon rustig maar hoe langer de maaltijd vorderde hoe meer ondergetekende zichzelf liet gaan. Dat was mijn nonkel niet ontgaan, want toen ik het uiteindelijk bij de desserts serieus binnen de perken hield moedigde hij mij aan. ‘Tiens, geen ijs? Ginds staat nochtans ook nog chocomousse én taart?’ Een normaal mens zou dan zeggen: ‘Jaja, ik weet het maar ik denk dat ik ruim voldoende heb gegeten.’ Dat deed deze jongen dus niet, want héél parmantig stapte hij opnieuw met zijn bord richting desserts. Alsof mensen thuis via Unibet erop hadden gewed dat ik nog wat extra desserts zou binnenspelen en zo wat extra cash konden verdienen. Na afloop liet ik (toen nog) lachend mijn lege bord aan mijn tafelgenoten zien. Alleen het tevreden boertje ontbrak nog. De avond was nog jong, dus besloten we er een sportieve activiteit aan vast te koppelen: gaan bowlen bij Olympia. Nadat we het juiste schoeisel hadden gevonden trokken we naar de baan. Boven ons hing niet alleen een scorebord waarop we onze naam en resultaat konden invullen, maar er was ook een groot tv-scherm waarop de wedstrijd Barcelona-PSV live werd uitgezonden. Deze wedstrijd dus waarin een glansrol was weggelegd voor medezonhovenaar Luc Nilis. Ons spelletje was nauwelijks begonnen of ik voelde mij al snel loom. Meteen daarna kreeg ik last van buikkrampen en kon ik ternauwernood onderdrukken dat het ruften laten mij nader stond dan het lachen. Je kan al raden dat mijn bowlingspel die avond waardeloos was, tot groot jolijt van mijn medebowlers. Om mijn gedachten wat te verzetten concentreerde ik mij (zo goed en kwaad als het ging!) op die bewuste voetbalmatch. Om het geheel nóg wat erger te maken speelden we niet één maar twee partijtjes bowling die avond. Het spreekwoord ‘zijn ogen zijn groter dan zijn maag’ werd die avond glansrijk door mezelf in beeld gebracht. Mijn advies aan iedereen: niet doen! 😉

Posted 22/04/2019 by ambijans in Algemeen