Archive for 06/10/2019

Herinneringen uit mijn jeugdige jaren (89)   Leave a comment

I'm afraid that I was very drunk

In deze rubriek rakelen we herinneringen op aan (lang) vervlogen tijden. Dingen die ik om de één of andere reden ben blijven onthouden omdat ze grappig, ontroerend, beklijvend of gewoonweg interessant waren. Soms zijn ze universeel en zéér herkenbaar. Of iets zich nu in Zonhoven afspeelde of daarbuiten heeft in dat geval weinig belang. We streven naar een herinnering of honderd, daarna is het tijd voor weer iets nieuws.

Werd er vroeger écht meer gedronken dan nu? Als je mij die vraag zou hebben gesteld zo rond mijn 18de dan zou het antwoord een overduidelijk ‘JA’ hebben opgeleverd. Sommige verhalen zijn zo gênant (meestal overkwamen ze andere mensen dan mezelf!) dat ik ze hier zelfs niet zou durven publiceren omwille van privacyredenen. Je weet maar nooit welke meelezende medemens zichzelf of een andere persoon herkent in dat geval. De meest veilige optie is dus om enkele van mijn persoonlijke dronkemansverhalen hier in de groep te gooien. Die speelden zich grofweg aan het eind van de 80’s én het begin van de 90’s af. Daarna kwamen ook bij ons ‘de jaren van verstand’ over ons neergedaald. Eén van de allergrootste katers (dé kater der katers denk ik wel te mogen zeggen) overkwam mij zo ergens rond 1990. Ik weet nog dat het op een fuifje gebeurde ter gelegenheid van een 16de of 18de verjaardag in de vriendenkring. Omdat er à volonté bier kon worden gedronken (aangeboden door de jarige) stonden wij al snel ‘en groupe’ hevig pinten te hijsen aan de toog. In onze tijd begonnen fuifjes nog op een deftig uur, dus als we pech hadden waren we tussen 22u en 23u al serieus zat. Die avond was het zo’n dag dat bij mij al snel het licht volledig uitging. Vermoedelijk kreeg ik mijn klap toen het temperatuursverschil tussen de loeihete zaal én de eerste serieuze herfstprik buiten me keihard in mijn gezicht sloeg (zo leek het althans). Een paar mensen zagen binnen al dat het goed fout zat, dus leek het hen verstandiger om mij buiten op de trap te laten zitten. Mijn ogen kon ik nauwelijks openhouden, mijn hoofd zakte tot bijna tussen mijn knieën en mijn spraakvermogen werd gereduceerd tot wat vaag gewauwel, gemompel en vooral véél mondvocht dat zich in de hoeken van mijn mond begon te manifesteren. Omdat de deur van de feestzaal toch open stond konden mijn vrienden van binnen een oogje in het zeil houden. Af en toe kwam eens iemand kijken, ik kreeg hier en daar een glas water aangeboden om terug bij mijn positieven te komen. Op zeker ogenblik voelde ik aan (mijn niet meer aanwezige theewater) dat er flink wat braaksel op komst was dus ik loerde een beetje verloren richting ingang, waar iemand de tegenwoordigheid van geest had om te komen helpen. ‘Overgeven?’ ‘Uhu!’ Hij wees mij naar een plek een beetje verder in de bosjes. Ik waggelde daar in een rechte lijn (in dit geval een kromme met onderweg wat onbestaande obstakels) naartoe waarna de eerste geut ‘overgeefsel’ stevig uit mijn mond spoot. Achter mij hoorde ik iemand roepen ‘Hey, niet op mijne Camino hè gast!’ Helaas had de voorzijde van zijn brommer er al aan moeten geloven. ‘Ga wat verder door naar rechts’. Ik zette twee korte minipasjes naar rechts en ik kotste de volgende lading eruit. Nog steeds recht op die Camino! Ik hoorde een groep mensen die buiten stonden tranen met tuiten lachen toen ze dit alles zagen gebeuren. Plots grepen twee handen me bij mijn schouders en ze begeleidden mij polonaisegewijs naar iets veiliger oorden. ‘Voilà, laat je nu maar eens helemaal gaan vriend! Blijf hier staan zo lang je voelt dat je moet overgeven. Als het in orde is, kom je maar terug naar de zaal!’ Ik heb daar nog een aantal minuten de ziel uit mijn lijf gekotst en toen dat achter de rug was, heb ik mijn mond afgeveegd met de mouw van mijn trui (lekker!) en ben ik terug naar de zaal gewandeld. Ik was op slag terug nuchter! De rest van de avond heb ik mij gemakshalve maar kalm gehouden. En we hebben nog één anekdote van het sieren nadat we 18 werden. De allerlaatste verjaardag op de kalender was ergens vlak vóór of vlak na examens aan het eind van het schooljaar. Éen van onze klasgenoten nodigde iedereen uit voor een barbecue thuis aan huis. Er is zelfs een video gemaakt van die avond (die hopelijk ergens veilig in een bankkluis ligt opgeslagen), die behoorlijk liederlijk verliep. Ik was niet superdronken maar wél redelijk tipsy (zoals bijna iedereen daar denk ik). Nadat we alle bier soldaat hadden gemaakt én nog wat wijn uit de wijnkelder leeg hadden gedronken kwam één van ons op het lumineuze idee om met de overgebleven mannen naar Zonhoven centrum te fietsen om te kijken of er nog ergens een café open was. Het was al twee uur ’s nachts voorbij dus de spoeling zou vrij dun zijn. Alleen de Darci op de Grote Hemmenweg bleek nog open te zijn. De sfeer was daar in eerste instantie gezellig, tot één van de vaste tooghangers ruzie begon te zoeken met één van ons. Toen werd de sfeer ronduit vijandig en irritant. Het was ondertussen vier uur ’s nachts gepasseerd, één van de vrienden opperde om bij hem thuis nog iets te komen drinken. Zo gezegd, zo gedaan! Nadat we daar met een man of acht ons pintje vast hadden kwam de moeder des huizes de kamer binnen. Ze schudde eens meewarig met haar hoofd en ze zei ‘Jullie weten niet van ophouden hè’. ‘Ik lust eigenlijk wel een boterham met kaas, mama’. ‘Moet er nog iemand een boterham hebben? ’t Is nu hét moment hè!’ sprak zijn moeder. De dorst was gelaafd, de honger gestild. Terug tijd om ons naar de plek te begeven waar het allemaal begon. Daar stonden de stoelen en tafels van de avond ervoor nog buiten. Ondertussen was ook daar de vrouw des huizes wakker en ook zij begon prompt de tafel te dekken voor het ontbijt (zo bleek). Na dat ontbijt ben ik met mijn fietsje naar huis gereden waar ik rond half acht de sleutel in het slot van de voordeur draaide waarna ik zo stil mogelijk naar mijn slaapkamer sloop. Ongeveer een half uur later hoorde ik mijn ouders nietsvermoedend opstaan. Mijn ‘nachtrust’ was nog maar net begonnen …

Posted 06/10/2019 by ambijans in Algemeen