Archive for 17/01/2020

The Sound of C   Leave a comment

the sound of c

In vergelijking met een buurland als pakweg Nederland is ons land nog steeds een buitenbeentje in het quizlandschap. Onze noorderburen vinden het concept van de zaalquizzen nog altijd een bizar fenomeen dat bij hen een quasi onbekend gegeven is. Je hoort het de ‘betere’ deelnemers in Twee voor Twaalf héél af en toe eens vernoemen: het feit dat ze actief zijn in het ‘pubquizcircuit’. De modale Nederlander quizt dus niet in een veredelde parochiezaal of hippe evenementenhal maar eerder in de plaatselijke kroeg. In ons land is quizzen al lang geen marginaal gegeven meer. ‘Marginaal’ in de zin van ‘een select publiek van topquizzers die wekelijks alleen maar met mekaar in competitie gaan’. Uiteraard gaan die échte bollebozen héél vaak met mekaar in duel, al dan niet in het gezelschap van het ‘quizplebs’ (dat zijn jaarlijkse quizzen makkelijk op één hand kan tellen). De gelegenheidsquizzer wrijft zichzelf ongetwijfeld de ogen uit wanneer hij het eindresultaat van de betere rankingploegen onder ogen krijgt. Ik zit (als zéér modale quizzer) soms wel eens aan tafel bij mensen die ontzettend veel weten. Dat gaat dan niet om zo maar wat bij mekaar gesprokkelde kennis, maar écht véél meer weten dan een doorsnee mens. De behoorlijk goeie quizzers zijn zelfs specialisten in onderwerpen die hen soms slechts matig boeien. De meeste deftige rankingploegen hebben allroundspelers in hun rangen die de meeste onderwerpen goed afdekken qua kennis. Al zijn de quizzers waarmee ik soms aan tafel zit zo eerlijk om te erkennen dat ook zij lacunes hebben in bepaalde onderwerpen.

Het is ondertussen dik vijftien jaar geleden (zelfs langer denk ik) dat wij er ‘stoemelings’ inrolden, in dat quizcircuit bedoel ik dan. Een ondertussen gepensioneerde collega quizte regelmatig met een familieploegje. Zij nodigde ons uit om eens mee te doen aan een quiz ‘onder de kerktoren’. We mochten een ploeg van vijf vormen, maar vonden slechts vier collega’s bereid om de gok te wagen. We werden die avond meteen vierde. Onze daaropvolgende tweede quiz, de TIHH quiz in Hasselt, bleek achteraf een serieus pittige waar we ontzettend goed onze plan trokken (in de gegeven omstandigheden). Wisten wij toen veel dat het samen met de Lidoa quiz in Sint-Lambrechts Herk en de Kiqqerquiz in Maaseik (vaak gespeeld) de enige drie categorie 3 quizzen waren in onze provincie. Geen enkele van de vernoemde quizzen bestaat nu nog. We speelden onze tweede quiz opnieuw met vier collega’s aangevuld met een nonkel, die ikzelf had geronseld omdat het me wel iets voor hem leek. We eindigden zo ongeveer in het midden van het pak. Ik herinner me dat ik met de collega die mij had meegenomen nog iets ben gaan eten bij Jeruzalem (een pita-shoarmazaak op de Kempische Steenweg) achteraf. Op onze volgende quiz in Houthalen-Helchteren kwamen we iemand van Pelter Skelter tegen die verbaasd was over onze prestatie in Hasselt. Bleek dat er een heuse quizranking bestond waarvan wij het bestaan niet eens kenden. Wij stonden blijkbaar in die ranking. Op basis van onze uitslagen stonden we rond plaats 550 of daaromtrent. In Houthalen scoorden we opnieuw deftige punten. Een paar weken (en ongetwijfeld weer een paar quizzen verder) wist mijn nonkel trots te melden dat we al op 492 stonden. Al grappend zeiden we toen tegen mekaar dat we zouden stoppen als we ooit de top 200 zouden halen. Dat voornemen is gelukkig nooit doorgegaan want in minder dan een jaar stonden we daar al te blinken. Toen was het eigenlijk al te plezant om te stoppen. Zo wist Moedige Missers ooit plek 72 te bereiken, dat zou ons plafond worden. Twee keer een eindranking gehad in de top 85, dus twee seizoenen met twee sterktepunten meegedraaid in het circuit. Nadat de twee ouderdomsdekens er de brui aan gaven werd rankinggewijs tevens de achteruitgang ingezet. Of er een direct oorzakelijk verband is durf ik niet te zeggen. Ondertussen spelen we hier en daar nog onder eigen naam (daarover dadelijk meer), maar meestal bied ik mij ergens spontaan aan als gastspeler (of ik word al eens gevraagd om mee te doen). Ongetwijfeld omdat ze mij sympathiek vinden, want in het kennislexicon zijn er bij mij serieus wat hiaten. Al ben ik meestal wel zo fair om mij héél afzijdig te houden in onderwerpen die niet de mijne zijn.

De ware topquizzers frequenteren (schrik niet!) makkelijk 100 à 120 quizzen per jaar. Dat is een fenomenaal aantal uiteraard. Het is een beetje zoals in het topvoetbal waar de heren profvoetballers meer wedstrijden per week afhaspelen. Vroeger beperkte zich dat tot louter weekends, maar tegenwoordig zijn er al redelijk wat studentenquizzen door de week en er is een vrolijk bloeiend én groeiend circuit van doordeweekse confrontaties. Wij speelden vroeger zelf ook nog wel studentenquizzen in onze ‘glorieperiode’, maar die kelk laat ik meer en meer aan mij voorbijgaan. Ik laat me af en toe wél eens verleiden om een quiz mee te pikken in een plaatselijk circuit. Zo deed ik een vijftal keer mee in het Duffels quizcircuit (ondertussen verkast naar Edegem als ik mij niet vergis). Héél pittig van niveau, al kan ik soms wel eens excelleren in onderwerpen die mij goed liggen. Nu goed, in Limburg had je zo geen circuit. Tenzij dan het Haspengouws quizcircuit vroeger. Niet op het niveau van STVV, eerder Duras of een andere provincialer uit de fruitstreek (met alle respect voor die boeren). Een uitgeweken Truienaar uit Hasselt introduceerde (ondertussen bijna een decennium geleden) het quizzen op C-niveau (omdat zowel de moeilijkheidsgraad als het concept een naam moesten hebben). In het begin was het een beetje zoeken, maar langzaam maar zeker bereikte men in die competitie een stramien dat nog altijd dapper wordt volgehouden. Van Hasselt belandde men al snel in Lummen, een plek die ook centraal gelegen is voor niet-Limburgers. Afgelopen weekend hadden we geluk dat we een goed doenbare Sound of C editie kregen voorgeschoteld. Moedige Missers strijdt meestal dapper mee (met de nadruk op ‘meestal’) omdat het zo gezellig is, niet omdat we onszelf én onze kennis zo hoog inschatten. In ons geval wil meedoen zeggen: hopelijk is het doenbaar van niveau, halen we méér dan 50 % als eindresultaat én hebben we ons ook nog goed geamuseerd aan tafel. Dat moet voor ons zowat het uitgangspunt zijn. Als we de ‘rode lantaarn’ op het einde kunnen vermijden zijn we tevreden. In dit geval konden we vier teams achter ons laten op een deelnemersveld van 25 ploegen (die ondertussen uit meerdere windstreken naar Lummen afzakken). Rondom zie je denkende en aandachtige mensen in alle vormen en maten. Vooraan zit een quizmaster die zijn werkstuk zo goed mogelijk probeert te verkopen aan zijn publiek. Wat mij woensdag nog het meeste opviel: de toppertjes uit het quizcircuit zijn veelal mannen … op twee na. Eentje zat aan onze tafel, de andere heeft in het verleden aan onze tafel de smaak terug te pakken gekregen in exact dezelfde zaal. Ik zou hier haast durven pleiten voor meer vrouwen aan diverse quiztafels. Het is toch onwaarschijnlijk dat het louter een mannenbastion is? Of hebben die vrouwen té veel testosteron en zijn het uit teflon en beton opgetrokken gevoelloze karikaturen? Ik denk eerlijk gezegd van niet. Het is voor bijna iedereen een uit de hand gelopen hobby. En ondanks het feit dat de gapende kloof tussen gelegenheidsquizzers en topploegen onderhand onoverbrugbaar is geworden blijft het een fijne uitlaatklep. Gesteld dat we het quizcircuit én de ranking ook weer niet al té serieus nemen uiteraard!

Posted 17/01/2020 by ambijans in Algemeen