Archive for the ‘Algemeen’ Category

Herinneringen uit mijn jeugdige jaren (74)   Leave a comment

Paninistickers, wie is er niet mee opgegroeid

In deze rubriek rakelen we herinneringen op aan (lang) vervlogen tijden. Dingen die ik om de één of andere reden ben blijven onthouden omdat ze grappig, ontroerend, beklijvend of gewoonweg interessant waren. Soms zijn ze universeel en zéér herkenbaar. Of iets zich nu in Zonhoven afspeelde of daarbuiten heeft in dat geval weinig belang. We streven naar een herinnering of honderd, daarna is het tijd voor weer iets nieuws.

Een oom van mij had in de jaren ’80 een grootwarenhuis in Stabroek, waar we af en toe al wel eens op familiebezoek gingen. Het was een deftige winkel, waar je niet enkel voeding e.d. kon kopen, maar ook kleding dus het had net iets meer standing. Wanneer wij in het weekend soms bij onze grootouders in Zonhoven bleven slapen, kwam hij ook naar Zonhoven afgezakt. Mijn tante (zijn vrouw) stierf begin 1981, maar mijn oom bleef plichtsgetrouw naar Zonhoven komen. Ik zie hem op zondagavonden nog in één van de kamers boven met een machine afdrukken maken om de winkelpromoties van die week in de kijker te zetten. Naast Lotuskoeken en suikerbrood (dat hij wekelijks meebracht naar Zonhoven) is deze oom ook legendarisch omdat hij ons zo’n beetje introduceerde in het verzamelen van Paninistickers voor onze voetbalalbums. Terwijl wij in eerste instantie probeerden om onze albums te vullen door met ons zakgeld stickers te kopen in het plaatselijke snoepwinkeltje, werd dat later vervangen door het kopen van het chocolademerk Cha Cha’s waarin ook een pakket Paninistickers werd verstopt. Omdat we meer voetbalstickers nodig hadden dan we chocolade konden eten, moesten we een andere manier zoeken om onze albums vol te krijgen. Die oplossing werd door mijn oom uit één of andere hoge hoed getoverd. Hij kwam dan op zondagavond langs met een hele zak vol Paninistickers, écht ongelofelijk veel. Die had hij van een ‘reiziger’ gekregen (zoals dat toen werd genoemd), een vertegenwoordiger die bij hem in de winkel kwam leveren en die er makkelijk aan kon geraken. Ik was als kind al een grote voetballiefhebber, dus voor mij was het vervolledigen van mijn Panini-album een absoluut topmoment! Elk pakje werd opengescheurd en daarna moesten we controleren waar de sticker moest worden geplakt. Wanneer we een bepaalde sticker al hadden, kwam hij in ons hoopje ‘dubbels’ terecht. Die konden we maandagmorgen mee naar school nemen, waar er altijd wel vrienden waren die ontbrekende stickers met ons konden ruilen. Ik kan enkel maar zeggen dat die avonden ons héél wat genot hebben bezorgd. Het was niet alleen een plezante hobby, maar ook nog eens nuttig! Zo leerden we bijvoorbeeld ook nog eens onze woordenschat verbreden door de korte uitleg die er bij de spelers stond. Speler x was een goede verdediger, maar soms nogal wispelturig, terwijl speler y dan weer een vlot scorende aanvaller was, die polyvalent was maar af en toe wél té opportunistisch. Ik vroeg dan steeds aan mijn moeder wat die woorden betekenden waarna zij ze ‘in nóg eenvoudiger taal’ overbracht. Ik heb uiteindelijk verschillende jaargangen Panini-albums gevuld, ook van Wereldbekers e.d. Tegenwoordig zie ik ze niet meer opduiken, dus ik vermoed dat er geen albums meer worden uitgebracht van pakweg spelers uit onze Jupiler Pro League. Bij EK’s en WK’s voetbal heb ik ze wél nog gezien. Dat zo’n mooie hobby van vroeger tegenwoordig niet écht meer bestaat is jammer, maar we praten dan ook over een hobby die op 35 à 40 jaar een enorme evolutie heeft ondergaan. *EDIT* Verschillende bronnen melden mij ondertussen dat de Paninistickers nog steeds ‘alive and kicking’ zijn bij het jonge volkje. Een héle opluchting wat mij betreft, maar ook alweer het zoveelste bewijs dat we de schoolspeelplaats ondertussen zijn ontgroeid! 😉

Posted 24/05/2019 by ambijans in Algemeen

Herinneringen uit mijn jeugdige jaren (73)   Leave a comment

Wout Wijsmans, beste Belgische volleybalspeler uit Zonhoven

In deze rubriek rakelen we herinneringen op aan (lang) vervlogen tijden. Dingen die ik om de één of andere reden ben blijven onthouden omdat ze grappig, ontroerend, beklijvend of gewoonweg interessant waren. Soms zijn ze universeel en zéér herkenbaar. Of iets zich nu in Zonhoven afspeelde of daarbuiten heeft in dat geval weinig belang. We streven naar een herinnering of honderd, daarna is het tijd voor weer iets nieuws.

Er was ooit een tijd dat het kleine en nietige Zonhoven een deftig volleybalteam op de been wist te brengen in de eredivisie. In de loop der jaren kregen ze wel eens een naamswijziging (naargelang de hoofdsponsor veranderde), maar de naam die wij maar laten we het vandaag gewoon houden op VC Konings Volley. Om een lang verhaal kort te maken: via kennissen (die deel uitmaakten van de supportersclub) schafte ik mezelf een jaarabonnement in het seizoen 1988-1989. Het was het jaar waarin het team o.a. twee sterke Zweden (Hakan Björne en Urban Lennartsson) naar ons land wist te halen. Ik ben maar één jaar abonnementhouder geweest en daar is een goede reden voor. Op school kon ik nl. via één van mijn kameraden gratis tickets krijgen voor de wedstrijden die niet als ‘topper’ stonden aangeduid in de kalender. Tegen Maaseik, Roeselare, Zellik & co ging ik betalend, tegen de mindere goden kon ik voor niks gaan kijken. In de loop der jaren hebben we niet alleen wilde taferelen meegemaakt in de toenmalige Remelshal, maar ik herinner mij ook spraakmakende uitwedstrijden. Mijn allereerste was naar Roeselare. Lang in de bus zitten, daarna in de cafetaria iets gaan drinken om een half uur later naar de wedstrijd te kunnen kijken. Goed gelachen die dag, maar wél kansrijk verloren ginds. Onze verplaatsing naar Torhout was al een pak gezelliger. Torhout was ook een lastige opponent (met o.a. György Grozer in hun rangen). Een man met handen als kolenschuppen! De apotheose na die vijfsetter ginds die meer dan drie uur had geduurd was legendarisch. In pure extase doken we van de tribune naar beneden. Ik ben ook een paar keer in Maaseik gaan kijken, maar dat was altijd ‘van een kale kermis thuiskomen’. En er was die keer toen mijn moeder in Temse moest gaan toneelspelen, op dezelfde avond als Zonhoven Kruibeke partij moest geven. Bij hen speelde dan weer Ben Croes. Kruibeke was geen partij voor Zonhoven, dus die werden in drie kurkdroge sets weggeserveerd. In 1994 kwam plots het piepjonge volleybaltalent Wout Wijsmans in the picture. Op zondag 17 maart 1996 beleefde de club een heus gloriemomentje. Ik heb het toegangsticket van de match als een soort van relikwie bewaard. Met een hele colonne bussen vertrokken we vanuit het Zavelhof richting Charleroi, waar de bekerfinale tegen Maaseik moest worden gespeeld. Ter plaatse kregen we allemaal identiek hetzelfde t-shirt om te dragen. Wout Wijsmans nam de ploeg zo op sleeptouw, dat Zonhoven die dag oppermachtig was. Maaseik met 3-0 naar huis gestuurd! Daar zijn zelfs nog beelden van. Opnieuw een delirium voor de jonge Ambijans! Om nog maar te zwijgen over het feestje in de tent achteraf die in de buurt van de evenementenhal stond en waar we achteraf nog liters bier hebben gedronken. Eén jaar later stond er (raar maar waar!) opnieuw een bekerfinale gepland tussen de grote opponenten. Die was een pak spannender … maar we verloren wél met 3-2, vooral omdat Wijsmans toen in het kamp van de tegenstrever stond. Er volgde nog een klein feestje in de Kwint, al hing er toen een raar sfeertje omdat de club financiële problemen had. Mismanagement én een totaal gebrek aan visie zorgde ervoor dat de stekker uit het Zonhovense volleybalsprookje moest worden getrokken. Uit de as van de ooit roemrijke club ontstond VC Helios Zonhoven.

Posted 18/05/2019 by ambijans in Algemeen

Dinsdagmenu Jozef Plevoets (Festicup)   Leave a comment

jozef plevoets

Truienaar Jozef Plevoets (Festicup) begon zijn bedrijf ooit in de garage van zijn ouders maar is ondertussen doorgegroeid naar een bedrijfspand in Zonhoven. Hij werd eerst Limburgse Starter van het jaar 2018 en daarna werd hij Vlaamse Starter van het jaar. In tijden waarin klimaatspijbelaars het nationale nieuws domineren ontwikkelde hij een vrijwel identieke filosofie: hoe kunnen we een zo milieuvriendelijk mogelijk bedrijf worden? In zijn geval wil hij zo snel mogelijk komaf maken met die zee van plastic bekers die jaarlijks onze festivalweides ontsieren. Dat doet hij door onbreekbare en herbruikbare bekers te produceren en ook elders proberen ze symbool te staan voor de circulaire economie. Hoe minder afval hoe beter! Hoe is zijn bedrijfsfilosofie ontstaan? Hoe ziet hij de toekomst en wat wil hij nog graag verwezenlijken? Hij komt het allemaal vertellen tijdens ons dinsdagmenu.

UPDATE

Als er geen voetbal op tv is, heb je altijd nog kans dat het net terrasjesweer is … of dat zo’n idioot Eurovisiesongfestival (wie kijkt daar nog naar?) wat roet in het eten gooit. Dat belette Jozef Plevoets niets om zijn levenshandel én wandel bij ons uit de doeken te doen. Het is ook plezant om vast te stellen dat er steeds een klein én fijn publiek is voor onze lezingen en dat zij ook niet aarzelen om actief vragen te stellen aan de spreker van dienst. Dat zorgt er mede voor dat het nooit saai is. Het publiek tevreden, wij dus ook. Voor ons volgende dinsdagmenu is het nu wachten tot 22 oktober a.s. wanneer postdoctoraal onderzoeker Elisabeth Timmermans de geschiedenis van het daten uit de doeken komt doen. Eigenlijk krijg je deze maand twee dinsdagmenu’s voor de prijs van één, want één week later hebben we Jolien Durwael te gast. Waar zij het over gaat hebben maken we te gepasten tijde nog bekend.

Posted 14/05/2019 by ambijans in Algemeen

Herinneringen uit mijn jeugdige jaren (72)   Leave a comment

een spookhuisje

In deze rubriek rakelen we herinneringen op aan (lang) vervlogen tijden. Dingen die ik om de één of andere reden ben blijven onthouden omdat ze grappig, ontroerend, beklijvend of gewoonweg interessant waren. Soms zijn ze universeel en zéér herkenbaar. Of iets zich nu in Zonhoven afspeelde of daarbuiten heeft in dat geval weinig belang. We streven naar een herinnering of honderd, daarna is het tijd voor weer iets nieuws.

Ik heb het hier al vaker gehad over de straat van mijn vrienden (enkele straten verder dan mijn ouderlijke woonst). Vroeger was dat eigenlijk al een halve speelstraat waar weinig of geen verkeer doorrijdt. Eigenlijk is dat meer dan dertig jaar na datum nog steeds het geval. Je kon eender wat doen op straat: voetballen, lopen, fietsen, rolschaatsen, … je kan het zo gek niet bedenken of het behoorde tot de mogelijkheden. Een rustige woon-wandel-speelstraat waar héél uitzonderlijk eens een wagen doorreed. Een stuk of vijf goede vrienden (plus aanverwanten) woonden allemaal dus in die straat. Tegenover één van die vrienden stond een huis dat ik later een beetje gekscherend ‘the haunted house’ ben gaan noemen. Het huis was eigenlijk zo anoniem dat ik mij onlangs afvroeg of het er eigenlijk überhaupt nog wel staat. Toen ik er met de auto eens langsreed zag ik dat het er na al die jaren haast identiek uitziet. Het huis werd in eerste instantie bewoond door een oudere, alleenstaande dame waar we af en toe (als zij eens buitenkwam) wel eens een praatje mee sloegen. Op zekere dag stond er een lijkwagen voor de deur. Blijkbaar had men haar een aantal dagen niet meer gezien, dus werd er alarm geslagen. Ik heb eigenlijk nooit écht zeker geweten of ze nu een natuurlijke dood is gestorven of dat ze daar een wanhoopsdaad heeft gepleegd. Hierna kwam er een Kempens koppel in wonen dat nogal into hard rock was. Ze liepen vaak in het zwart rond, leren jekker en ze reden op een zware motor. Het was pas in de zomer dat we merkten dat de man in het gezelschap maar één been meer had. Hij vertelde toen we in zijn achtertuin een pintje zaten te drinken dat hij die amputatie had overgehouden aan een motorongeluk. ‘Maar’ zei hij al lachend, ‘Ook zonder dat been houden wij ons makkelijk overeind’. In het begin was dat ene been een raar zicht, maar al snel viel het niemand meer op. Op zekere dag vertrokken zij naar elders. Toen kwam er een nieuw samengesteld gezin in wonen. Twee gescheiden stellen met hun gezamenlijke kinderen. Ze hadden een vlotte, blonde dochter. Wij vonden dat helemaal oké, haar ouders waarschijnlijk net iets minder want ze was net zwaar aan het puberen geslagen. Ze was misschien 13 maar ze gedroeg zich alsof ze 17 was en al vrank en vrij al haar beslissingen zelf mocht maken. Naar wat ik heb gehoord van de overburen heeft het daar regelmatig zwaar gestoven. Maar zoals dat met alles gaat: vorige week zag ik haar ergens op reageren via facebook. Ze ziet er nog exact hetzelfde uit, alleen wat ouder en ondertussen is ze zelf ook moeder geworden. Ze woont niet meer in Zonhoven, maar is wél in de buurt blijven hangen. Eind goed, al goed!

Posted 11/05/2019 by ambijans in Algemeen

Herinneringen uit mijn jeugdige jaren (71)   Leave a comment

ziek kind

In deze rubriek rakelen we herinneringen op aan (lang) vervlogen tijden. Dingen die ik om de één of andere reden ben blijven onthouden omdat ze grappig, ontroerend, beklijvend of gewoonweg interessant waren. Soms zijn ze universeel en zéér herkenbaar. Of iets zich nu in Zonhoven afspeelde of daarbuiten heeft in dat geval weinig belang. We streven naar een herinnering of honderd, daarna is het tijd voor weer iets nieuws.

Ik heb het natuurlijk maar van horen zeggen (want een mens herinnert zich meestal maar een beperkt aantal zaken uit zijn vroegste kindertijd), maar als kind heb ik vroeger vaak hoge koorts gehad. Misschien heb ik wel een paar keer gevaarlijk dicht met de dood geflirt, wie zal het zeggen! Wat ik me wél goed kan herinneren als ziektebeeld is dat ik regelmatig last had van oorontstekingen. Op winterse dagen verliet ik het huis niet zonder een dikke sjaal of een muts te dragen. Heel vaak hielp dat, maar als ik eens brute pech had dan zorgden mijn oren voor behoorlijk wat hoofdbrekens. Zo staat één van die momenten me nog bijzonder goed bij. Ik was dertien en ik werd alweer geplaagd door oorpijn. Meestal verliep dat volgens het klassieke stramien: de oorpijn werd vastgesteld, mijn moeder probeerde me op te lappen met de medicijnen die in huis waren en als het écht geen soelaas bracht, dan schakelden we de huisarts in. Die keer verging ik van de pijn en liep ik ’s nachts rond een uur of twee kreunend de slaapkamer van mijn ouders binnen. We besloten mijn neef (die toen nog onze huisarts was) op te bellen. Hij zou zo snel mogelijk langskomen. Ongeveer een kwartier later stond hij aan de voordeur met zijn dokterstas. Met één van zijn instrumenten keek hij in mijn oor om de schade op te meten. Hij zag al vrij snel dat het geen gewone ontsteking was, maar dat er een specialist (een KNO-arts) aan te pas moest komen. Toevallig kende hij een bevriende collega-arts die ons mogelijk uit de nood kon helpen. Hij besloot ‘m op te bellen. De man nam even later de telefoon op, nadat hij ondertussen wellicht in zijn diepste slaap was aanbeland. Heel de situatie werd uit de doeken gedaan. We mochten gewoon naar zijn praktijk komen die ergens op de kleine ring in Hasselt gevestigd was. Wij dus met zijn drieën naar Hasselt. Toen we daar aankwamen was het ongeveer drie uur ’s nachts. Een bebrilde man met ongekamd haar kwam opendoen toen we aanbelden en leidde ons meteen naar zijn praktijkruimte. Daar mocht ik op een tafel gaan liggen. Heel geduldig is ie toen ongeveer twintig minuten bezig geweest met het ‘schadegeval’ aan mijn oor. Regelmatig vroeg hij eens of het niet té veel pijn deed, als hij iets had weggesneden dan hoorde ik dat meestal knappen in mijn oor en blijkbaar moest hij de wond ook regelmatig deppen als er bloed bij was. Toen hij de laatste formaliteiten had afgehandeld ging er een gevoel van opluchting door mijn lijf. De specialist complimenteerde me nog eens met het feit dat ik me zo sterk had gehouden. Uiteraard was ik trots dat mijn hoge pijngrens toen al werd bewierookt door de behandelende arts. Het was al vrij snel duidelijk dat mijn pijn compleet verholpen zou zijn, want wat er nog resteerde van die nacht heb ik probleemloos kunnen doorslapen. Helaas liep ’s morgens vroeg de wekker af en moest ik wél weer naar school. Of zoals een wijs voetballer ooit eens zei: ‘Elk voordeel heb zijn nadeel!’

Posted 05/05/2019 by ambijans in Algemeen

Dinsdagmenu Herwig L’Homme   Leave a comment

herwig l'homme

De Zonhovense ex-substituut generaal en arbeidsauditeur Herwig L’homme voert ons mee doorheen het oerwoud van een misleidende wereld.  Het verhaal dat hij vertelt, is duidelijk gesteund op de ervaringen die hij tijdens zijn lange loopbaan heeft opgedaan. In een zeer begrijpelijke taal laat hij ons zien, hoe eenvoudig het is om in de criminaliteit verzeild te geraken. In zijn fictief verhaal ‘Het gebroken zwaard van Vrouwe Justitia’ kan de lezer zichzelf, zijn kind of zijn buurjongen in de rol van het hoofdpersonage herkennen. ­Het laat ons zien hoe enkel de speling van het lot bepaalt of iemand, al dan niet een crimineel kan worden. Deze op zichzelf beangstigende vaststelling, wordt zoveel erger wanneer wordt blootgelegd hoe justitie in België reageert op ontluikend crimineel gedrag. Dit diepmenselijk verhaal gekruid met de nodige humor en doorspekt met “o zo herkenbare situaties”, heeft een dubbele bodem die vragen oproept en ­gelijktijdig antwoorden biedt. Hij komt er bij ons in de bib een boekje over opendoen. De lezing wordt vanavond gegeven tussen 20u en 22u. Vooraf een plaatsje reserveren is niet nodig, de lezing is gratis én iedereen is uiteraard van harte welkom! U komt toch ook?

UPDATE

Ondanks een CL-voetbalwedstrijd op tv vonden toch dik 35 mensen het interessant genoeg om op dinsdagavond naar de bib af te zakken. Dat ze hierdoor een wijze beslissing hadden genomen was na afloop meteen duidelijk. Al werden we niet meteen vrolijk van de alarmerende signalen die Herwig de wereld instuurde. Dat het ook anders kan gaf hij ook aan met praktijkvoorbeelden. Als de politiek echter niet meewil, dan moet je (alle grote ideeën ten spijt) terug naar af! Herwig L’Homme heeft de gave van het woord, iets wat van mensen uit zijn beroepsdomein ook mogen verwachten. De hamvraag zal echter zijn: wanneer zal men eindelijk eens ons gevangeniswezen op een drastische manier hervormen? Gaan we dat nog ooit meemaken? Of blijven we in deze vicieuze cirkel zitten? Na afloop was er in elk geval voldoende stof tot nadenken. Deze maand komt Jozef Plevoets (Festicup) op 14 mei a.s. ons voorjaar op gepaste wijze afsluiten met een razend actueel thema: herbruikbare bekers op festivalweides. Zeker nu er vanaf volgend jaar een andere policy geldt m.b.t. het gebruik van drankbekers. Allen daarheen zou ik zeggen!

Posted 30/04/2019 by ambijans in Algemeen

Herinneringen uit mijn jeugdige jaren (70)   Leave a comment

onze lagere school van klas 1 tot 6

In deze rubriek rakelen we herinneringen op aan (lang) vervlogen tijden. Dingen die ik om de één of andere reden ben blijven onthouden omdat ze grappig, ontroerend, beklijvend of gewoonweg interessant waren. Soms zijn ze universeel en zéér herkenbaar. Of iets zich nu in Zonhoven afspeelde of daarbuiten heeft in dat geval weinig belang. We streven naar een herinnering of honderd, daarna is het tijd voor weer iets nieuws.

Vandaag ondernemen we een kleine poging om mijn lagere schoolcarrière (die zich afspeelde tussen 1978 en 1984) eens onder de loep te nemen. Zo kwam ik in het eerste leerjaar bij juffrouw Suzanne terecht. Ik herinner mij dat mijn punten toen bijzonder goed waren, maar dat kwam deels door het feit dat die bebrilde juf nogal aan de strenge kant was. Eerlijk gezegd, ik had geen klein beetje schrik van haar maar serieus vééél! Ze was afkomstig van Lommel en ze heeft niet zo gek lang voor de klas gestaan als ik mij goed herinner. Een jaar later kwam ik in het tweede leerjaar terecht bij Jean Rutten. Ik overdrijf niet als ik zeg dat dit een heerlijke tijd was. Ik had al bij zijn vrouw (juffrouw Lea) in het derde kleuterklasje gezeten, dus de man was mij niet geheel onbekend. Meester Rutten is mij bijgebleven omwille van twee bijzondere dingen. Allereerst omdat hij op vrijdagnamiddag (zo vlak vóór het weekend) de tijd nam om uit een boek voor te lezen. Af en toe legde hij het boek eventjes terzijde om het verhaal zelf verder te vertellen waarna hij weer teruggreep naar het boek. Het gebeurde héél vaak dat we op het tipje van onze stoel zaten bij een héél spannend verhaal en dat hij dan zei ‘Maar hoe dat afloopt vertel ik jullie volgende keer!’ Waarna iedereen collectief ontgoocheld was. De glimlach van de meester was echter onbetaalbaar. De man heeft ook zeker mijn taalgevoel ontwikkeld, want hij deed regelmatig schrijfoefeningen aan het bord. Twee leerlingen schreven gelijktijdig een woord dat hij opgaf. Had je het fout dan mocht je gaan zitten en kwam er iemand anders, had je het goed mocht je blijven staan. Toen al was ik vrij sterk in spelling. Jean Rutten is ondertussen 82 en hij is nog bijzonder actief. Zo tennist hij nog regelmatig. Het derde leerjaar kwam Lode Maes zaliger op mijn pad. Met hem was de klik helaas véél minder. Ik herinner mij ook hier twee dingen. Zo sloeg hij ooit een liniaal kapot op mijn vingers. Ik schrok me vooral de pleuris toen het mij overkwam. Het andere feit is dat hij in onze klas ‘Natuurdag’ introduceerde. Op papier leek dat initiatief pedagogisch helemaal verantwoord, maar het kwam eigenlijk neer op pure kinderarbeid. In die tijd was hij zo’n beetje ‘de baas’ van buurtschap De Waerde. Zo kregen we door de dag wat les over de natuur in één van de lokalen ter plekke. Daarna gingen we aan de slag rond De Waerde zelf. Een aantal kinderen kreeg een primitieve grasmachine ter beschikking waarmee ze de voetbalvelden mochten maaien. Een ander team moest het gras bij mekaar harken, in de kruiwagen doen en naar de composthoop rijden. Of er ook iemand werd aangeduid om de lijnen te kalken weet ik zoveel jaar na datum niet meer zeker! 😉 Ook in de tuin van de meester – die één straat verder woonde – mochten er dennenappels worden geraapt en verzameld. Op die manier zorgde onze Natuurdag ervoor dat het werk voor hemzelf een stuk lichter werd. Geniaal gevonden … wisten wij als tienjarige veel! Het vierde leerjaar kwam ik bij Roger Verjans terecht. Die kende ik uiteraard ook al want de zomer ervoor waren we op vakantie geweest in zijn vakantieverblijf in Spanje. Iets wat bleef hangen dat jaar? Wie goed scoorde voor bijvoorbeeld taal of wie het meest verzorgde handschrift had mocht van de meester Napoleonsnoepjes gaan halen in de plaatselijke C&B supermarkt. Die eer is mij enkele keren te beurt gevallen. Het vijfde leerjaar was Jef Lijnen aan de beurt. Wij kenden ‘m omdat hij ’s zondags altijd als organist in de kerk aanwezig was. En het zesde leerjaar tot slot kwamen we in de deskundige handen van Luc Machon terecht. In die tijd noemden we hem nog frater Luc, maar na een dispuut (met de kerkelijke instanties of misschien zelfs de toenmalige directeur) werd Luc terug een wereldlijke figuur die ik later regelmatig met zijn vriendin bij ons in de bib zag. Hij was de bezieler van het plaatselijke zangkoor De Leeuweriken. In zijn lessen kroop hij regelmatig achter de piano waarna er werd gezongen. Naarmate het einde van het schooljaar in zicht kwam waren er nog enkele leuke activiteiten. Zo hebben we een klasfeestje gehad waarin we met drie mannen The Pointer Sisters én Doe Maar hebben geplaybackt. En we hebben ook met een paar klasgenoten een eigen tijdschriftje in mekaar gestoken dat daarna voor iedereen verdeeld én gekopieerd werd. Jaren later komt één van die jongetjes van toen op het lumineuze idee om over zijn leven te bloggen. Om maar te zeggen …

Posted 28/04/2019 by ambijans in Algemeen